Women only

Zuid-Afrikam de reisblogs – deel 14

Als er iets is wat Zuid-Afrika kenmerkt, is het wel de heftigheid van het bestaan en de volslagen onontkoombaarheid van de enorme contrasten. Het ziekenhuis van Tintswalo is een deel daarvan. Maar waar vindt dit inferno haar tegenpool? 

Over de vraag waar zich precies het paradijs bevindt, vinden al eeuwenlang heftige polemieken plaats. Wie echter meent dat het ergens in de hemel gelocaliseerd is, vergist zich deerlijk. Het adres, zo kan ik inmiddels uit eigen waarneming bevestigen, ligt op 24.402718,30.789419 en dat is ongeveer drie kwartier rijden van ons verblijf, rechtsaf bij de mangoboom.

Die hemelse kwalificatie dringt zich althans onwillekeurig op als je eerst in Tintswalo hebt gewerkt waar, zoals een collega het uitdrukte, de lokale artsen ‘patiënten laten sterven als vliegen’, en je dan plots belandt in de Hlokomela Women’s clinic. 

Het kliniekje, dat verborgen ligt tussen de fruitboomgaarden en alleen via een lang zandpad te bereiken is, wordt goeddeels door vrouwen gerund en die hebben er een oase van rust en veiligheid gecreëerd. Want dat laatste is voor de zwarte vrouwen in Afrika helaas nog lang geen vanzelfsprekendheid. 

Hier werken voornamelijk verpleegkundigen, slechts af en toe gesecondeerd door een dokter, die er ongelooflijk nuttig werk doen. De sfeer is hartelijk en warm. Het geheim is dat hier het geld niet via de corrupte overheid stroomt maar vrijwel alles gefinancierd wordt door giften en donaties. De prijslijst bij de receptie geldt alleen voor wie het kan betalen: voor alle anderen is de zorg gratis. Er komen ook wat welgestelde blanken en die betalen voor deze kwaliteit graag het volle pond. Kom daar maar eens on in Tintswalo: de enige blanken die je daar ziet zijn de vrijwilligers, want als het even kan wil je daar echt niet wezen. 

De kliniek heeft de beschikking over een echo-apparaat dat aanzienlijk moderner is dan dat van het ziekenhuis. Ze doen er uitstrijkjes bij de HIV-positieven met hoog risico op kanker die anders nooit onderzocht worden. Verder worden er eenvoudige traumabehandelingen gedaan en worden vrouwen naar veilige adressen begeleid als ze acuut gevaar lopen. Ze krijgen dan een survivalsetje mee: een tandenborstel, ondergoed, wat geld, antibiotica tegen de alomtegenwoordige en dus bijna onvermijdelijke SOA. En dat alles verpakt in een stijlvol zacht etui van een stofje met hoge aaibaarheid, want al ben je gemolesteerd, vernederd, behekst en verkracht, oog voor detail moet er blijven. Dit  fijne setje met smaakvolle details is dan ook meer dan een praktisch kleinood: het is een symbool van respect en benadrukt je waardigheid in een situatie waarin die, krakend als een mestkever onder je schoen, vertrapt en vermorzeld lijkt. Dit is een toevluchtsoord voor de meest kwetsbaren. Ik voel meteen dat dit de plaats is waar ik wil werken, maar ik heb natuurlijk wel een handicap, want ik ben een man. 

Ter kennismaking draai ik een ochtend mee en al bij het verhaal van de tweede patiënt draait mijn maag zich haast om van ontzetting. Een jonge vrouw, ze zal eind dertig zijn, vertelt hoe ze, te voet op weg van haar werk naar huis, door een groep gewapende mannen is bedreigd en verkracht onder het oog van haar geboeide zoon van 17. Haar man mag van niets weten. Ze is bang voor hem, want hij zal haar straffen en ze weet wat dat betekent: ze zal worden opgesloten in een hut waarin hij irriterende kruiden op een vuur zal laten branden, zodat de bijtende rook haar luchtwegen verbrandt en ze na enige tijd haast geen adem meer krijgt. Schoonmoeder zit in het complot: haar kennis van hekserij komt goed van pas bij de juiste keuze van de te verbranden kruiden, want dat komt kennelijk nogal nauw en manlief wil natuurlijk zeker weten dat hij de in zijn ogen noodzakelijke maatregelen op de juiste wijze toepast. 

De patiënte heeft haar eveneens getraumatiseerde zoon bezworen dat hij met niemand over het traumatische voorval mag spreken. Bovendien weten de mannen die haar hebben mishandeld wie ze is en waar ze woont. Van de corrupte politie hoeft ze volgens de nurse evenmin veel te verwachten. Deze vrouw kan geen kant meer op. Haar oprechte en totale hulpeloosheid vult de kamer met een beklemming die zich als een wurgslang om je borst perst. Maar mijn keel knijpt nog verder dicht als ik hoor en zie met hoeveel warmte zij bejegend wordt. Dit soort walgelijke praktijken is niet zeldzaam in dit land, maar hier zie ik het tegengif live in werking: oprechte nabijheid, empathie, een stukje van jezelf. Dit is minder fotogeniek dan een spectaculaire operatie, maar voor wie het wil zien zeker zo ontzagwekkend. Hier wil ik niet meer weg.

We praten nog lang na. Dan komt ter sprake dat deze mensen ook het binnenland in trekken voor medische hulp aan de meest kwetsbare en onbereikbare groep vrouwen: de prostituees in de dorpjes diep in de  binnenlanden. Ze worden hier sekswerkers genoemd. Het zijn de paria’s van de bush. Hoewel ze de zorg harder nodig hebben dan wie ook, komen deze mensen niet naar de kliniek want tussen klacht en zorg staat armoede in de weg en praktische bezwaren. Dus gaan de hulpverleners naar ze toe op plekken waar ze werken en hun klanten oppikken, in de meest ontoegankelijke no go-area’s die er hier zijn.  Trouwens, daar zouden ze graag een arts bij hebben. Of ik misschien….? 

Ik aarzel geen moment. We hebben een match: komende week ga ik mee op deze expeditie. 

Blogdo©