Het orakel

De media zijn in de ban van de Oekraine. Een massaal op social media gedeelde oproep om als daad van verzet de lampen even uit te doen was aanleiding voor een blog over de manipuleerbaarheid van onze mening en een waarschuwing voor wat er ondertussen gebeurt.

“Als ik zou willen dat je het begreep, had ik het wel duidelijker uitgelegd”, sprak Johan Cruijff ooit. Wijsheid is soms makkelijk te vinden. Voor waarheid ligt dat doorgaans een stukje ingewikkelder. Het is immers voor organisaties, instanties en overheden een stuk gemakkelijker als we niet alles begrijpen. Velen van ons voelen zich daar comfortabel bij, of zijn zich nog altijd niet bewust van hoe selectief informatie wordt gebruikt om gewenst gedrag te sturen en te zorgen dat zij de gewenste mening aannemen. Wie niet verder komt dan de krant en het journaal heeft geen idee wat er werkelijk speelt in de wereld en dat is natuurlijk wel zo gemakkelijk. 

In de afgelopen jaren hebben we gezien hoe de overheid zich voor de kar liet spannen van de grote farmaceuten. Er werd een heuse reclamecampagne opgezet voor medicijnen die (na discutabel en  ronduit frauduleus onderzoek met een hoog WC-eend gehalte) een voorlopige goedkeuring hadden. De vraagtekens die veel internationale experts hadden bij veiligheid en effectiviteit van het beleid mochten niet gehoord worden: hier bepaalde de overheid wat mensen te horen kregen en stuurde daarmee feilloos de heersende publieke opinie aan. Zo kreeg zij het voor elkaar dat mensen, ook zonder dat zij daartoe een medische indicatie hadden, zich op basis van die eenzijdige informatie massaal lieten injecteren met een middel dat de voorwaardelijke status tot op heden nog altijd niet is ontstegen, dat niet deed wat beloofd was en bovendien steeds korter en minder effectief bleek. 

Dat mensen dit geruime tijd kritiekloos slikten is wellicht nog wel te snappen. De achterliggende gegevens waren immers weinig toegankelijk gemaakt en het vergde wat doorzetting om die te achterhalen. Slechts een handjevol experts, velen zelfs met verstrengelde belangen, mocht hun mening geven  – mits die het officiële verhaal onderschreef. De overheid bepaalde welke informatie het publiek gevoerd kreeg. Dit leidde tot een grote eensgezindheid, want wie andere visies had, hoe goed onderbouwd ook, werd als een mafkees of ultrarechts gevaar weggezet, en zeg nu zelf:  wie wil daar nou bij horen? Mensen zijn evolutionair gezien sociale dieren en voor de overleving is het dan een stuk comfortabeler om de gangbare mening van de groep aan te hangen. Het pesten, discrimineren en buitensluiten van andersdenkenden is mensen nu eenmaal eigen. En pijnlijk genoeg bleek het velen koud te laten zolang het henzelf niet raakte. 

Pas toen ik zelf acte de présence gaf op demonstraties tegen een discriminerend beleid en als ooggetuige de verslagen hiervan in de media las, drong het tot me door: wat ik op het nieuws zie en in de krant lees, is enorm geframed en komt vaak totaal niet overeen met wat er werkelijk gebeurt. Datzelfde merkte ik toen ik me verdiepte in het medische verhaal, dat een heel goed onderbouwde keerzijde had. Die mocht echter absoluut niet gehoord worden en haalde de reguliere media zelden. Wat ik nooit wilde geloven, blijkt echt waar: het nieuws wordt als het zo uitkomt verdraaid, gemanipuleerd of zonodig genegeerd. Zo wilde vaccinproducent Pfizer haar schokkende interne veiligheidsrapporten liefst geheim houden voor het publiek en werden de stukken pas na een gerechtelijk vonnis met heel veel tegenzin en tegenwerking gefaseerd gepubliceerd. De meer dan 1200 doden en vele duizenden ernstige deels blijvende  bijwerkingen die binnen 2,5 maand na de eerste vaccinaties gemeld werden vormden volgens het rapport zelf (!)  slechts een deel van de werkelijkheid. Ik heb werkelijk jaren gedacht dat we in ons land een vrije pers hadden, maar inmiddels weet ik wel beter. Wie echt wil weten hoe het zit, moet toch echt wat meer moeite doen dan om 8 uur het journaal kijken en bij het ontbijt de krant openslaan. 

De coronagekte is wat geluwd. Velen zijn blij, maar de rust is verraderlijk: we worden nog altijd in slaap gesust waarbij velen helemaal niet door hebben dat we nu alleen maar even in de pauzestand staan op weg naar een staatsbestel met totalitaire trekken.  De overheid is nu even tevreden omdat de basis gelegd is voor een controlestaat: de instrumenten daartoe zijn niet afgeschaft maar gewoon even in de ijskast gelegd. We zijn eraan gewend geraakt dat grondrechten niet -en machthebbers wel– onschendbaar zijn. We zijn het normaal gaan vinden dat onze vrijheden afhankelijk worden gemaakt van blinde gehoorzaamheid. We vinden het normaal dat de overheid bepaalt hoeveel bezoek we mogen ontvangen en dat we onze lichamelijke integriteit inleveren voor de ander, ook al blijkt dat in werkelijkheid helemaal niet zo te werken. De tijdelijke noodwetten zijn zonder noodzaak voor de vierde keer verlengd en zullen vermoedelijk permanent gaan worden, want als het gaat om het uitbreiden van macht en controle, zit een begrip als tijdelijkheid de regering alleen maar in de weg. Toegangspassen zijn onwerkzaam verklaard voor de gezondheid, maar daar waren ze in werkelijkheid natuurlijk ook nooit voor bedoeld. Ze worden paraat gehouden ‘in de ijskast’ want het zijn ideale middelen om de massa te controleren en die moet je natuurlijk altijd achter de hand houden. Nu eenmaal blijkt dat mensen het gebruik van die machtsmiddelen kritiekloos ondergaan zal die macht ook nooit meer uit handen gegeven worden. Het middel van de digitale controlepas is inmiddels argeloos geaccepteerd door de murw gepropageerde massa en daarmee is het doel bereikt. Alleen daarom is corona in de media even geen issue meer. Maar de pas komt terug, erger dan zij ooit was. Noteert u dat maar vast, want dat beloof ik u bij deze.

Waar het nu om gaat is dat de aandacht van het volk even wordt afgeleid. Oorlogen zijn heel geschikt en  worden van oudsher gebruikt om de aandacht af te leiden. Je kunt er het volk mee verenigen zonder dat je veel argumenten nodig hebt en zorgen dat ineens niemand meer oog heeft voor falend beleid, politieke schandalen of het feit dat je ondertussen op gluiperige wijze vrijheidsbedreigende trucjes aan het doorvoeren bent.  In die zin doet de oorlog in Oost-Europa nu effectief dienst als afleidingsmanoeuvre en rookgordijn.  Wat er precies allemaal aan vooraf ging weten weinigen, maar niets is wat het lijkt. Poetin valt buurland binnen. Nou lijkt Poetin me beslist geen prettig sujet. Maar de Oekraïense regering, al jaren verwikkeld in een binnenlandse oorlog tegen haar eigen burgers, bestaat ook niet uit louter goedzakken. Maar het nieuws oordeelt voor ons: zij zijn de ‘good guys’.  

We krijgen een overzichtelijk en hapklaar zwart- wit beeld: de meesten tonen zich hierbij stuurbaar en laten zich opnieuw geruisloos de gewenste mening aanmeten. En terwijl Europa stoere taal bezigt over ingrijpende sancties levert men militair materieel aan Oekraïne en spekt zij tegelijk de Russische kas door de bestelling van een grotere hoeveelheid gas dan ooit tevoren.

Ach, die arme waarheid: zij is als steeds weer het eerste slachtoffer in oorlogstijd. Niemand heeft haar in pacht, en ik al helemaal niet. Ik heb in dit conflict zelfs geen mening behalve dat ik zie dat zoals steeds vooral de gewone bevolking van beide landen weer de prijs betaalt. En dat zoals in elke oorlog, de machthebbers veilig vanuit hun fauteuils jonge gemanipuleerde mannen naar het front sturen om daar te moorden, te vernietigen en vervolgens in groten getale te sneuvelen. De optie om nou eens gewoon te stoppen met al dat vuurwerk en als volwassenen naar een oplossing te zoeken is blijkbaar alleen voor simpele zielen.  

In de media zien we dat het conflict zonder veel plichtplegingen is gedefinieerd als de oorlog van schurk Poetin tegen het brave Oekraïne. Maar dit zijn wel dezelfde media die 2 jaar lang voorverteerde meningen in ons brein goten middels eenzijdige vaccinatiepropaganda en daarmee voor ons bepaalden wat we moesten vinden – en velen accepteerden dit verhaal gemakshalve als hun nieuwe mening.  We hebben dan ook alle reden om met gezond wantrouwen naar de berichtgeving te kijken – maar nee, het gros van de bevolking gedraagt zich als makkelijk stuurbare marionetten en kraait ook nu, niet gehinderd door achtergrondkennis, het voorgeschotelde verhaal na. We nemen zonder dralen de opinie over die de media ons voorkauwen. Redacteuren slaan elkaar bulderend van pret op de schouders als we massaal meedoen aan zinloze acties zoals de lichten in huis een half uurtje doven als genadeloze klap in het gezicht van Rusland. Hier, pak aan! Dat zal ze leren! Want kennelijk verwacht men dat Poetin acuut bibberend van schrik zijn tankdivisies uit de Donbas terugtrekt zodra hij in in de gaten heeft dat in de gemeente Knuitershoek een half uur lang het licht uit gaat. 

Maar toen 2 jaar lang ondernemers failliet gingen, de jeugd steeds suicidaler werd, ouderen eenzaam stierven, mensen massaal gediscrimineerd werden, mensen tegen elkaar opgezet en ernstige bijwerkingen van vaccins verdonkeremaand werden, toen de de censuur hoogtij vierde – toen waren de meesten stil. Er was niemand die ook maar even met de lichtschakelaar fröbelde. Want we deden braaf wat de media ons voorgeprogrammeerd hadden: binnen een mum van tijd namen we  massaal en braaf de mening over die de media ons in de strot perste.

En terwijl iedereen naar het Oosten kijkt, wordt in Europa tersluiks de laatste hand gelegd aan de Europese digitale identiteitspas. Waarbij minister Kuijpers in mei namens ons land de nationale beslissingsmacht onomkeerbaar overdraagt aan de WHO, een organisatie vooral gefinancierd door Big Tech en China. En als die pas er eenmaal is, is het diezelfde WHO die voortaan onze (on)vrijheid bepaalt. Voorwaarden kunnen te pas en te onpas worden toegevoegd. Zo is het dan de WHO en niet jijzelf die bepaalt of, wanneer en welk vaccin of booster je krijgt. Een keuze is er daarbij niet meer, want je grondrechten zijn dan niet meer vanzelfsprekend maar afhankelijk van de vraag of jij de orders opvolgt, die altijd weer zonder jouw instemming kunnen worden aangepast. Zonder deze digitale pas kan je de toegang worden ontzegd tot gezondheidszorg, kan je vrijheid om te reizen worden ingetrokken, kunnen financiële transacties of bankrekeningen worden geweigerd. Protesteren kan evenmin want de WHO is noch democratisch gekozen noch democratisch gecontroleerd. Dan gaat het licht pas echt uit. U was gewaarschuwd.

“Je gaat het pas zien als je het door hebt”, orakelde Cruijff. Helaas komt dat moment voor velen te laat. 

Blogdo© 

Carnaval in de dokterspraktijk

Nederland gaat weer open. Joechei! 

Hier in het Brabantse kan men zijn geluk niet op, want carnaval staat voor de deur en we doen hier niets liever dan ons enkele dagen zo onzinnig mogelijk gedragen terwijl we zo bizar mogelijk verkleed zijn. Nou doen we beide in feite al 2 jaar lang met avondklokken, schoolsluitingen en mondkapjes, dus wat dat betreft maakt het niet heel veel uit, maar nu is de sfeer toch net even anders. 

Inmiddels zijn we twee jaar en duizenden failliete ondernemers verder. Twee jaar van succesvolle angstcreatie, apocalyptische avondklokken en zinloze schoolsluitingen, waarvan we achteraf kunnen vaststellen dat ze geen effect hadden omdat ze berustten op misrekeningen van mistige modellen en adviezen van experts die braaf opschreven wat de regering, niet gehinderd door ook maar enige kennis van zaken, hen dicteerde. Want ja, ook onafhankelijke deskundigen willen brood op de plank dus dan doe je gewoon wat er van je gevraagd wordt, je houdt je mond en stelt geen vragen.

Over deskundigen gesproken: terwijl het mondkapjesadvies landelijk wordt ingetrokken, berichtte onze eigen beroepsvereniging, het Nederlands Huisartsen Genootschap, recent dat zij haar leden adviseert om die dingen in de praktijk toch maar te blijven gebruiken. Het NHG heeft zich steeds gedragen als het meest gedweëe brave jongetje van de klas. Van een club van dokters zou je een kritische stellingname mogen verwachten waarbij het belang van de patiëntenzorg geprioriteerd  en een stevig debat gestimuleerd wordt. Helaas bleek dat een misvatting: het NHG volgde vanaf het begin kritiekloos de lijn van de regering, waarvan we dus nu kunnen vaststellen dat die op drijfzand en misleiding berustte. In retrospectief is onwetendheid ten aanzien van het goede en zelfs voortvarendheid in de dwaling soms heel goed verdedigbaar – maar in de loop van een tweetal jaren, met landen als Zweden als lichtend voorbeeld van welke ellende je allemaal kunt voorkomen als je zelf blijft nadenken, zou enige zelfreflectie de deftige doktersclub niet hebben misstaan. Maar nee, het NHG blijft nog eens benadrukken dat deze maskerade in de huisartspraktijk toch echt voortgezet dient te worden. Ik vermoed dat het NHG zich dan ook op korte termijn zal omvormen tot carnavalsvereniging.

Over een aantal jaren zullen historici zich buigen over deze zwarte bladzijde in onze vaderlandse medische geschiedenis en zich hoofdschuddend en meewarig afvragen waarheen het gezonde verstand toch gevaren was, daar in die jaren ‘20, dijenkletsend en schaterbuikend  zullen zij elkaar op de schouders slaan – totdat zij zich realiseren welk drama zich in die jaren afspeelde. 

Ach, die maskers, waarvan je in het beste geval onder steriele laboratoriumomstandigheden kunt vaststellen dat ze, mits correct gebruikt, ongeveer een bescherming van 1 op de milljoen bieden. In de dagelijkse praktijk daarentegen, waarin ze dagen achtereen gebruikt worden, waarbij iedereen er voortdurend met de handen en telefoon aan zit, waarin ze van tijd tot tijd even opgeborgen worden in de broekzak naast de besnotterde zakdoek, is het effect niet alleen nul, maar werken ze zelfs averechts, zoals uit onderzoek al meermalen bleek. 

Deze orale luiers, symbolen van onmondigheid, verstandsverbijstering en angstgedreven kuddegedrag, hadden nooit ingevoerd mogen worden en worden nu dan eindelijk afgeschaft. Nou ja: je hoeft niet meer mee te doen aan die maskerade als je in de bioscoop zit of met 100 man schouder aan schouder in de kroeg in elkaars gezicht staat te sputteren. Maar in de bus en trein is het natuurlijk nog wel verplicht: we moeten immers wel de ijzeren wetten der logica blijven volgen en zoals u weet mijdt Omicron zowel theater, kroeg als andere culturele locaties, maar houdt hij zich bij voorkeur op in het openbaar vervoer en naar ik van het OMT begreep vooral in 1e klasse coupés . 

Ach, die maskers. Ik haal ze nog een laatste keer uit de kliko, want ze zijn uiteraard en uitsluitend geschikt als absurde maskerade tijdens het carnaval. 

En dan sluit ik af, want lieve lezer, helaas kan ik mij niet langer vrijmaken. Ik moet me storten in het carnavalsgedruis. Verkleed als coronavrezer zet ik blij van zin mijn mondmasker op en neem ik lallend de bus naar de overvolle kroeg. Alaaf! 

Blogdo©

Overheidsadviezen voetbal treffen doel

In januari 2021 vaardigde de overheid richtlijnen uit hoe men veilig voetbal kon kijken en geluidloos kon juichen door een enthousiaste kreet op een papiertje te schrijven. Blogdoc vond hier wat van.

De lockdown is gisteren uitgebreid met een avondklok. Dat is uiteraard geen enkel probleem, want er is een overweldigend aanbod van kwalitatief goede programma´s op de Nederandse televisie. Met name voetbalwedstrijden bieden een hoog niveau van ontspanning en wie de juiste abonnementen aan elkaar knoopt, kan 24 uur per dag genieten van de louterende aanblik van zwetende mannen die als een dolle achter een opgeblazen stuk leer aan rennen om het daarna weer snel weg te schoppen. 

Maar deze tijd vraagt wel om extra maatregelen: is meedoen aan een potje voetbal op zichzelf al een aanslag op je gezondheid, het samen naar een wedstrijd kijken is zo mogelijk nog veel gevaarlijker. Gelukkig heeft de overheid het goed met onze gezondheid voor en geeft zij praktische handvatten. Hoe kijk je veilig naar een voetbalwedstrijd? Hoe juich je coronaproof?  Een ijverige ambtenaar die kennelijk nadrukkelijk naar een rode kaart solliciteerde heeft van ons belastinggeld een paar dagen op de richtlijnen zitten zwoegen. 

Gisteren keek ik met een stel vrienden  naar de wedstrijd van de Grey Boys veteranen tegen ZwartWit 8. Voor de gelegenheid hadden we opa  ook uitgenodigd. Dat was al onze eerste overtreding, maar die werd door de scheids door de vingers gezien, want de arme man was al een jaar niet het huis uit geweest. Overigens speelden de Grey Boys van links naar rechts.

Ik schonk wat drankjes in: een spa rood en een  blikje bier voor de gasten. Opa nam natuurlijk een glaasje jonge klare en zelf schonk ik een wijntje in. Uit voorzorg namen we de regels van de overheid erbij, want je wilt natuurlijk geen enkel risico lopen als je voor de TV zit. 

  1. Markeer de glazen zodat je niet uit het verkeerde glas drinkt. 

Goed idee. Ik zocht een markeerstift, poetste die grondig af met ontsmettingsdoekjes en om verwarring te voorkomen zette ieder zijn initialen op zijn glas of blikje. Opa Piet zette een J op zijn borrelglaasje, wat verwarrend was, vooral omdat die eigenlijk meer weg had van het cijfer 3. “Van Jenever!” riep hij triomfantelijk. Vooruit, duidelijker werd het er niet op, maar het was te onthouden; voor ons in elk geval beter dan voor opa zelf, dus de kans op vergissingen was te overzien en bovendien hielden we wel van een beetje risico. 

  1. Geef ieder een eigen bakje voor chips

Tuurlijk, dat we daar zelf niet op gekomen waren! Okee, we hadden geen chips in huis want de pinda’s waren in de aanbieding, maar wij denken creatief en al stond het er niet bij, we bedachten dat deze regel in principe ook toepasbaar zou zijn op diverse soorten nootjes.  Allemaal graaien in hetzelfde bakje is natuurlijk vragen om problemen: dan kon je opa net zo goed meteen afvoeren naar de overvolle IC. Nee, wij wisten wel beter. De oude man zou zomaar kunnen stikken in een pinda. Veiligheid voor alles, dus we gaven hem zijn eigen bakje en prakten voor de zekerheid zijn pinda’s fijn. 

  1. Stel een tribune op met 1,5 meter tussen de zitplaatsen. 

Heel goed. Nou is ons appartementje niet zo heel  breed, zodat we eerst de grote servieskast moesten leegruimen en naar de keuken moesten verslepen. Die was zwaar, maar onder het zware gehijg en gepuf van 4 buurtgenoten lukte dat uiteindelijk toch. En zo zaten we even later in onze eigen VIP lounge: ons kon niks gebeuren! 

  1. Bij een doelpunt kun je springen en dansen op je plek, zonder te schreeuwen. Gebruik zonodig een ratel voor het gewenste geluid.

Dat leek ons een strak plan. Toen het eerste doelpunt viel, sprongen we allen zwijgzaam op, waarbij opa het geluidloosheidsgebod vergat en luidkeels juichend niet alleen zijn mondkapje verloor, maar ook zijn gebit en daarbij een fontein van geprakte pinda’s over ons heen sproeide. 

Ik had echter een ander overheidsadvies gelezen (‘Hoe om te gaan met een hardhorende opa’) en gaf hem een notitieblok met een pen, zodat hij bij het volgende doelpunt  ‘HOERA!’ kon schrijven en daarmee stilzwijgend kon zwaaien met als bijkomend voordeel dat hij dan ook zijn pindaprak binnen zou kunnen houden. 

Het tweede doelpunt kwam al snel en opa begon enthousiast te schrijven. Helaas deed de pen het niet. In paniek rende ik naar de studeerkamer, ontsmette snel de deurklink en pakte een andere pen. De anderen stonden ondertussen luid te ratelen en te stampvoeten, waarbij opa, die al langere tijd wat wankel op de benen stond en tot onze irritatie vaak zijn oefeningen vergat, mee wilde doen maar daarbij uitgleed over zijn zojuist verloren mondkapje en jammerlijk zijn linker heup brak.

Door alle lawaai waren inmiddels de buren naar buiten komen rennen om te zien  wat er in godsnaam aan de hand was. Geïrriteerd over zoveel herrie hadden ze nog maar net de kliklijn gebeld toen ze zelf door een toevallig passerende BOA werden aangehouden wegens overtreding van de avondklok. Door de aldus ontstane vechtpartij, het opstootje en de brandstichting voor ons huis misten wij helaas de overige 17 goals van Grijswit, waaronder de acht schoten in eigen doel van de linksback en raakten wij bovendien het overzicht over de pindabakjes kwijt, waarvan er tot overmaat van ramp een onder opa terecht gekomen was zodat we er slechts met de grootste moeite bij konden. Wat erg jammer was, want ze waren lekker gekruid. 

Even later belde de politie aan, want 3 mensen op de tribune en ook nog een kermend op de grond was natuurlijk een flinke overtreding van de Coronawet. Schuldbewust legden we allen wat geld op tafel voor de boete. 

Als daad van verzet stak ik er op een onbewaakt moment stiekem een niet-ontsmet tientje tussen. Dat zou ze leren. 

Blogdo©

Het sprookje van de dokter en de koning – deel 2

Enige tijd geleden schreef ik deel 1 van het Sprookje van de dokter en de koning. Recent ben ik tot de ontdekking gekomen dat dit slechts het eerste deel was, want het verhaal blijkt verder te gaan. Niet is dan logischer dan een 2e deel, al spreek ik de oprechte hoop uit dat er geen derde nodig zal zijn.

Wat vooraf ging leest u in deel 1: Als een geheimzinnige ziekte het land in zijn greep heeft, probeert de koning met angst, dwang en een snack de dokter zover te krijgen dat hij zich laat gebruiken voor een snood controleplan. Hoe is het die twee echter nadien vergaan? Heeft de koning zijn macht kunnen uitbreiden? Heeft de dokter zijn rug recht kunnen houden? Dit alles en meer leest u hieronder in het vervolg van het sprookje. 

Na het vertrek van de dokter liet de koning opgelucht zijn gouden karaf bijvullen. De Raadgever zat naast hem. “Daar zijn we mooi vanaf, majesteit!” De Raadgever wist precies wat de koning horen wilde. ”Dokters…”, schamperde de vorst. “Praat me er niet van! Sommigen blijven me aan mijn kop zeuren over moraal en het belang van hun patienten”. “Allemaal flauwekul natuurlijk”, vervolgde hij snel, want hij was liefst zelf aan het woord. “Ze moeten gewoon doen wat ik zeg. Gelukkig stellen de meesten geen lastige vragen. Maar je hebt er een stelletje bij….” Hij kneep zijn lippen tot een smal spleetje en schudde meewarig zijn hoofd. Zijn kroon, rond met uitsteeksels, wankelde. Ze zat de laatste tijd wat minder stevig dan de bedoeling was. 

“Kunnen we niet gewoon zorgen dat die eigenwijze dokters niks meer kunnen zeggen en geen adviezen meer mogen geven?”, opperde de Raadgever (de koning naar de mond praten is altijd goed voor je carrière, zo was al vaak gebleken). De koning was aangenaam verrast. “Dat is geen slecht idee!”, antwoordde hij opgewekt. “Hier, neem nog wat wijn!”. Hij had de goede gewoonte om gul te zijn als mensen zeiden wat hij wilde horen. Onderdanen met andere meningen kon je altijd maar het best de mond snoeren, maar wie gehoorzaamde en geen vragen stelde kon rekenen op een goed glas wijn, een mooie baan aan het hof en nog heel veel meer. De Raadgever liet zijn kroes nog eens vullen. Eigenlijk moest hij aan het werk in de slagerij, want hij had moeite om te voldoen aan de enorme vraag naar gehaktballen. Maar ach, de wijn aan het hof smaakte naar meer. De levering van die gehaktballen kon best even wachten: het geld was binnen en uiteindelijk was dat uiteraard het enige wat telde. Ze proostten triomfantelijk op het succes van hun plannetjes en mijmerden over wat ze nog meer konden bedenken. Nu de angst heerste lag de macht immers voor het grijpen. “We moeten zorgen dat we ook de toekomst in onze greep houden”, mijmerde de koning. De Raadgever knikte, ijverig als altijd. “Ik heb een plan!” riep hij hees. Hij raakte opgewonden bij het vooruitzicht van promotie en verslikte zich haast in een gulzige teug. Met gedempte stem mompelde de Raadgever iets tegen de koning over jeugd, controle en kleine gehaktballetjes. Zijn stem had iets begerigs terwijl hij zijn snode plan ontvouwde. De koning hing aan zijn lippen, net als een druppel bloedrode wijn. 

Ondertussen was het best gezellig in de spreekkamer van de dokter. Hij had er de hele dag met de mensen gesproken. Het was dan ook echt een práátkamer: warme verlichting en lekker zittende stoelen gaven de mensen een gevoel van veiligheid en vertrouwen. Het was misschien wel juist daarom dat hij een dag later zo schrok.

Het was vrijdag, de dag dat de koning zijn wekelijkse bericht aan het volk presenteerde. Op het plein klonk klaroengeschal: de koninklijke heraut zou aanstonds een belangrijke boodschap aankondigen. Naast hem stond de nar: een dommige maar trouwe dienaar met kekke sokken en ogen zo groot als gehaktballen. De nar had de taak om dingen aan de mensen uit te leggen die niet uit te leggen waren. Dat werkte prima, want de nar had zelf eigenlijk ook geen flauw benul van waar het over ging. Voor de koning was hij niet meer dan een nuttige sukkel, want je kon hem werkelijk álles laten zeggen. 

De stem van de heraut baste over het plein. “Natuurlijk is bijna iedereen zo verstandig geweest om een bal te nemen”, loog hij. “En natuurlijk helpen ze geweldig, precies zoals we beloofd hadden”. Hij had geen idee of dit klopte, maar dit was nu eenmaal zijn tekst. “Maar toch…” vervolgde hij, “…echt veilig ben je natuurlijk niet voor die vlekjes, ook niet met een gehaktbal achter je kiezen.” De dokter probeerde vergeefs om het verhaal te begrijpen. “Daarom heeft Uw koning in zijn grote wijsheid een nieuw decreet uitgevaardigd”, vervolgde de heraut. “Vanaf nu maken we ook kleine soepballetjes voor de kinderen. Wees gerust, iedereen komt aan de beurt, maar de meest behoeftigen eerst. De dokters zullen de gelukkigen aanwijzen”.

De dokter stond als aan de grond genageld. De kinderen! Zijn hart sloeg over, zijn keel snoerde dicht en als een donderslag was de buikpijn terug. Nou wist hij wel dat de berichten namens de koning vaak niet klopten, maar in dit geval was de boodschap wel erg onheilspellend. Langzaam drong het tot hem door: de gehaktballen, eerder bij koninklijk decreet uitgeroepen tot de Enige Oplossing voor de rode vlekjes, zouden nu ook in een kinderversie worden uitgebracht. Hij wist wat dit betekende. Of eigenlijk….hij wist het helemaal niet.

Nu was het de beurt aan de nar om de mensen te overtuigen dat de koning wederom de juiste beslissing had genomen. Dat bleek nog niet zo mee te vallen. De nar aarzelde even, want inmiddels begreep hij er zelf ook geen jota meer van. Maar, zo had de koning hem gerustgesteld: dat was ook helemaal niet nodig. Hij moest gewoon precies doen wat hem gezegd werd en zou daarvoor rijkelijk beloond worden. Per slot was dat waar het allemaal om draaide. Hij ging verder. “Er zijn namelijk ook andere soorten vlekjes. Naast de ronde zijn er nu ook ovale vlekjes, en zelfs vlekjes met de vorm van een letter!” Hij liet even een stilte vallen zodat de ernst hiervan goed tot de mensen kon doordringen, want angstige mensen gehoorzamen het best. Toch klonk er dit keer wat meer geroezemoes dan anders. Kregen de mensen iets in de gaten? Dat was natuurlijk niet de bedoeling. 

“We hebben het aan de slager gevraagd, en die heeft ons verzekerd dat de balletjes supergezond zijn”, probeerde de nar. De dokter was wat in verwarring. Nieuwe soorten vlekjes? Letters? Hij had er wel eens van gehoord, maar zag ze eigenlijk zelden, want de mensen waren daar niet ziek van. En hij had altijd geleerd dat het daar nou juist om ging. Maar hoe zat het dan met die soepballetjes? Waren die balletjes wel goed voor die kleintjes? Goed, de slager had kennelijk gezegd dat het een soort toverballetjes waren. De dokter wist ook niet precies waar die kennis op gebaseerd was. Maar als je er niet teveel over nadacht, klonk het best geruststellend, dus dat was gemakkelijk.

De nar orakelde verder. “Zo’n bal is uiteraard geheel vrijwillig. Maar als je géén bal neemt, zou het wel eens slecht met je kunnen aflopen”. De dokter hoorde met stijgende verbazing aan hoe uit- en opsluiting, muilkorven en de schandpaal slechts enkele van de dreigingen waren die je boven het hoofd hingen als je de adviezen van de koning naast je neerlegde. Ouders van kinderen die niet van soepballetjes hielden, ouders die zo dom waren om eerst het recept te willen zien of gewoon zuinig waren op de gezondheid van hun kinderen zouden zwaar gestraft worden. Hun kinderen zouden tweederangs kinderen worden en mochten niet meer mee spelen. Vergeefs probeerde de dokter om de logica te vatten. Iets dergelijks had hij ooit wel eens eerder gehoord -hij wist niet precies waar en wanneer – maar hij meende zich te herinneren dat dat toen slecht was afgelopen.

Hij schudde de gedachte van zich af, want niet alle gedachten waren geoorloofd, en toog huiswaarts. Bezorgd overpeinsde hij alles wat hij gehoord had. Hij kon zich niet voorstellen dat ouders hun kind zomaar een nieuw soort soepballetje zouden laten slikken zonder te weten of dat wel goed was. En al was de koning nóg zo machtig en waren sommige mensen nóg zo goedgelovig: de dokter wist zeker dat de ouders hun kinderen altijd zouden beschermen. Zelfs tegen de koning, die werkelijk alles op alles zette om hen over te halen, ook al kostte dat wat kindergeluk. Maar toch…. helemaal gerust was hij er niet op. Eenmaal thuis kroop hij met een glas warm bessensap en een wollen slaapmuts onder de wol, want hij had er buikpijn van gekregen en rillingen. 

De hele nacht spookte het door zijn hoofd. Hij vond het aan zijn patiënten geven van gehaktballen al best lastig, maar onbekende balletjes geven aankínderen ging hem wel erg ver. Want om eerlijk te zijn: hij wist niet precies wat hij dan eigenlijk uitdeelde. Volgens de slager waren de balletjes van topkwaliteit. De nar had die woorden gekopieerd. Maar iets zat hem niet lekker. Was de slager wel te vertrouwen? Iedereen wist dat die best een flink strafblad had, al werd daar zelden over gesproken. En waarom deed de koning zo geheimzinnig over het recept? Waarom moeten kinderen nu ineens soepballetjes gaan eten? Die kregen toch bijna nooit vlekjes? Wie werd er dan eigenlijk wél beter van?

De dokter voelde zich eenzaam, want hoewel hij wist dat sommige van zijn mededokters zijn zorgen deelden, durfden weinigen dat hardop te zeggen: voor je het wist werd je voor gek versleten. De dokter vreesde dat de slagerij steeds weer nieuwe soorten soepballetjes zou gaan bedenken en de koning dan aan de nar zou opdragen om die aan te prijzen. Hoe meer hij nadacht, hoe meer zijn buik protesteerde. Ondertussen had de buikpijn zich zelfs naar zijn hart verplaatst, en hij voelde dat dit precies het soort hartpijn was dat alleen behandeld kon worden door het Goede te doen. Dat was dus zijn enige keuze: dan maar voor gek verklaard. Dus sprong de dokter vastberaden uit zijn bedstee, nam een stuk papier, doopte zijn pen in de karmozijnrode inkt en begon aan een brief.  

“Beste mededokters en lieve ouders…”, zo begon hij. Hij vond het eng, dacht aan zijn hart, maar ook aan de kinderen – en voelde dat alles klopte. Daarom schreef hij verder. “Ik begrijp best dat het lastig is, en eng: dat vind ik ook. Maar nu….” Er zat iets in zijn keel. Het smaakte naar angst. Hij pauzeerde even, slikte het weg en keek door het raam. Buiten was het vrij donker. Maar aan de hemel zag hij her en der sterren glinsteren als bemoedigende knipoogjes van onder een duistere deken. 

Hij vervolgde zijn brief. “….maar nu moet ik jullie toch echt even iets vertellen. Want voor de kinderen moeten wij allen….”. Een brok boosheid bleef in zijn keel hangen; ditmaal kostte het wat meer moeite om die weg te slikken. 

Even later werd het pantser van de nacht doorpriemd door de eerste dappere zonnestralen. Ze vielen op zijn pen en plots vormde die vurig woorden, zinnen, aanmoedigingen, verhalen – alle kwamen ze diep van binnen, en ze vulden de ochtendstilte met golven van warmte en wijsheid. Het was nog vroeg. Of beter: het was niet te laat. Zijn pen kraste. 

Her en der ontwaakten de mensen. Toen hij opnieuw naar buiten keek, zag hij dat steeds meer lichten ontstoken werden. Iemand zwaaide bemoedigend. Langzaam maar zeker droop het duister af.  

Blogdo©

Terugreis naar de toekomst

Over enkele dagen neem ik afscheid van dit prachtige land met deze prachtige mensen. Hen zal ik missen, maar niet de beklemmende sfeer die in zo korte tijd als een donkere nevel over dit land is neergedaald. Zal die me achterna reizen? Is dit onze toekomst?

Op het moment dat ik dit blog schrijf kijk ik met enige weemoed uit over de prachtige tuin. Achter mij fluisteren grote palmen- en bananenbladeren elkaar een onverstaanbare boodschap toe terwijl zij windwiegend naar elkaar reiken als de verlangende vingers van twee geliefden. Een kwartet kikkers kwaakt zich de kelen schor, duizenden krekels trachten vergeefs hen te overstemmen. Deze warme avond zal een van de laatste in zijn in dit paradijselijke oord. Want het liep anders dan gedacht.

Het is najaar 2008 als zich tijdens een reis door Turkije een mogelijkheid voordoet om voor een zacht prijsje een kleine citrusboomgaard te kopen. We wagen de gok, en in het jaar daarna ontwerpen en bouwen we samen met een lokale aannemer een huis met als doel een mooie plek te creëren voor kinderen, familie en vrienden. De lucht was zwanger van hoop: Turkije zou bij Europa gaan komen, volkeren zouden verbroederen.

In 13 jaar werd de plek mooier en mooier. Hier hebben we samen gelachen, samen gepraat, samen gedronken en gezongen. Hier hebben we leren begrijpen dat het bijbelse paradijs ergens in deze regionen moet hebben gelegen. Het zou me dan ook niks verbazen als Adam’s ongelukkige zondeval in onze tuin heeft plaatsgevonden.

Toen kwam de verandering. De politieke signatuur in Turkije nam een grimmige wending, de president ontpopte zich tot een lichtgeraakte, zelfgenoegzame en machtsbeluste autocraat van het soort dat critici ontslaat en meningsverschillen beslecht door opponenten in de nor te smijten. Ongekende ideologische zuiveringen waren het lot van het geteisterde Turkse volk.

Uiteindelijk kon dit niet zonder gevolgen blijven en besloten we dat het tijd werd om afscheid te nemen. Op dit moment glijden op deze plek de mooie herinneringen nog eenmaal tastbaar voorbij alvorens we definitief ons paradijs verlaten.

Onze laatste reis hierheen heeft iets paradoxaals. Terwijl zij ons terug brengt in de tijd, terug naar al die mooie oude herinneringen, voelt het enigszins onverwacht ook als een reis naar de toekomst. Want wat we hier meemaken is precies datgene waar we bang voor zijn, het zijn precies die ontwikkelingen die ons naar ik vrees te wachten staan. Hier zijn ze al realiteit en krijgen we een voorproefje van hoe onze toekomst er uit kan gaan zien als we blijven zeggen dat het wel mee zal vallen en verder niets doen.

Een vriend haalt ons in de late avond van het vliegveld. Het gezicht van de altijd zo goedlachse en praatgrage man gaat dit keer schuil achter een lap stof. De energie is er uit; hij is letterlijk en figuurlijk onherkenbaar. Het zal symbolisch blijken.
In de dagen erna bezoeken we voor de laatste keer wat plaatsen waar onze herinneringen liggen, we bezoeken vrienden en genieten van het prachtige landschap. Maandenlang kende het land een beleid van lockdowns in de weekends, een van de meest zinloze maatregelen die ooit genomen zijn: het is alsof je de brandweer tijdens het blussen dagelijks een paar keer enkele uren vrijaf geeft. Hier zie en voel ik wat de maatregelen met het land en de mensen gedaan hebben. Dit land, dat voor ons symbool stond voor rust en en ontspanning maar ook voor vrijheid, dit land waarin afspraken relatief en regels van elastiek waren, waar iedereen wel een winkeltje annex restaurantje annex taxibedrijfje annex kapperszaakje had of anders toch op zijn minst een neef die elke denkbare dienst kon leveren. Al die kleine zaakjes zijn dicht, de eigenaren zitten treurig aan de straat, beroofd van hun inkomsten, berooid en perspectiefloos, bang voor de politie die alomtegenwoordig is en boetes uitdeelt aan wie het maar waagt om een van de vele onnavolgbare en

onbegrijpelijke regels te overtreden. Dit land, dit dorp, is even zinloos als genadeloos van zijn ziel ontdaan.

Buiten heeft iedereen een mondkapje op. Het lijkt erop dat de regering de COVID problematiek heeft aangegrepen om haar staande beleid van monden snoeren nu ook tastbaar vorm te kunnen geven. Vele van die kapjes zijn smoezelige, verkreukelde of zelfs gescheurde lapjes en daarmee niets minder -maar vooral niets meer- dan een van overheidswege verplicht gestelde infectiebron. Wie het waagt om zich ongemuilkorfd op straat te vertonen of zijn mondkapje in de hitte zelfs maar even af te zetten riskeert een boete ter hoogte van meer dan een gemiddeld weeksalaris. Tegelijkertijd is het hier volstrekt normaal dat alle scooter- en motorrijders zonder helm rondrijden. Er is geen politieagent die daar op let. Het is overduidelijk: dit beleid heeft natuurlijk niets met veiligheid te maken, maar alles met controledwang en het afdwingen van gehoorzaamheid door het in stand houden van irrationele angst. Als we het dorp uitrijden over een uitgestrekte verlaten landweg zien we een oude boer op een gammele tractor op het veld rijden. Met geen sterveling in de buurt en zijn mondkapje op is hij het vleesgeworden symbool van de totale absurditeit. Arme mensen: uit pure angst voor straf worden zij gedwongen tot blinde gehoorzaamheid aan zinloze maatregelen. Van een arme boer op het Turkse platteland kan ik het nog enigszins begrijpen – maar in Nederland doen velen precies hetzelfde.

Hoe onontkoombaar die maatregelen hier inmiddels al zijn zal ik al snel merken, want als ik even wat zaken moet regelen bij mijn bank wordt me resoluut de toegang geweigerd: eerst moet ik een zogenoemde HES-code aanvragen. Dat gaat heel eenvoudig, legt de bewapende beambte bij de ingang me geruststellend uit. Gewoon even via je telefoon wat gegevens invullen en hop!, je hebt een code. ‘No problem’, klinkt het hier het gebruikelijke mantra. Ik bedenk dat dit mantra inmiddels tot haar tegendeel is verworden, want werkelijk alles is inmiddels een probleem. Dat blijkt ook hier het geval, want na het invullen van alle denkbare gegevens, tot aan de namen van mijn ouders en mijn paspoortnummer toe, krijg ik de melding dat de registratie niet lukt omdat ik eerst mijn telefoon bij de Turkse autoriteiten moet laten registreren. De telefoon van de buurman brengt uitkomst en zo kan ik in elk geval de bank in.

De code blijkt inmiddels een eerste levensbehoefte om aan het leven in Turkije te kunnen deelnemen. Het relaas van mijn buurman vervult me met nog meer bezorgdheid.

‘Ik ben bang’, bekent hij.
‘Voor het virus?’ vraag ik. ‘Nee, voor de politie, voor alle regels, ik kan het niet meer volgen, maar als ik een boete krijg kan ik die niet betalen’.
Hij vertelt hoe zijn inkomsten geheel zijn weggevallen; een financieel vangnet is er niet. Hoe de school van zijn kinderen al bijna een jaar dicht is. Er is online onderwijs, maar dat is van slechte kwaliteit en een computer of laptop kan hij niet betalen. De kinderen volgen wat lessen via een oud mobieltje, maar veel stelt het niet voor. .
Hij vertelt ons over het strenge controlebeleid: overal langs de wegen staan politieposten die automobilisten aanhouden. Voor Turken is autorijden momenteel al verboden zonder speciale vooraf aangevraagde toestemming van de politie. Toeristen zijn van deze regel uitgezonderd, want tussen regel en praktijk staan lires in de weg en buitenlandse deviezen. Als je in de auto je mondkapje niet op had, dan hang je meteen al bij de controle. Vervolgens wordt de HES-code via een app gecheckt en daarmee wordt ter plekke en passant je doopceel gelicht. Je mag alleen verder als die check aantoont dat je gevaccineerd of recent

negatief getest bent en er verder geen andere zaken op je aan te merken zijn. Dat laatste uiteraard geheel ter beoordeling aan de autoriteiten – en met de lange tenen van deze regering geeft dat weinig reden tot hoop.

Eenmaal weer terug in mijn tuin, waar de wind is gaan liggen en waar palm en banaan hun toenaderingspogingen dus ook maar even gestaakt hebben, voel ik me een stuk minder onbezwaard dan normaal op deze plek. Na wat ik gezien, gehoord en gevoeld heb, word ik bevangen door een beklemmend gevoel. Over enkele dagen neem ik afscheid van dit prachtige land met deze prachtige mensen. Hen zal ik missen, maar niet de beklemmende sfeer die in zo korte tijd als een donkere nevel over dit land is neergedaald. Zal die me achterna reizen? Is dit onze toekomst?

Wellicht is het nu nog mogelijk om vijfenzeventig jaar vrijheid ook voor onze kinderen te prolongeren. Maar dan zullen we toch echt massaal moeten gaan beseffen wat er aan het gebeuren is en massaal moeten opstaan. Want we realiseren ons echt onvoldoende dat de macht ligt bij het protest van de massa.

Ik kan alleen maar hopen dat mijn reis naar huis niet een terugreis gaat worden naar de toekomst die ik hier in de bek heb gekeken.

Blogdo©

Meld je aan om niets te missen

Mijn blogs verschijnen voorlopig nog op Linked in maar worden steeds sneller verwijderd. Wil je op de hoogte blijven als er nieuwe blogs verschijnen en ze hier teruglezen? Meld je dan aan en ik zorg dat je een bericht krijgt. 

©  Blogdoc.nl