Skip to main content

De wet van de medemenselijkheid (9): de genegeerde getuige

Geschreven door Blogdoc

“Het geweten is het hoogste hof”

Mahatma Gandhi

Ach, wat een vertoning was het weer, die zitting bij de Raad van State op 1 augustus. Dankzij de massaal opgetrommelde supporters had ik destijds de beproeving goed doorstaan. Over de uitslag had ik me geen illusies gemaakt, het optimisme van mijn zeer gemotiveerde advocaten ten spijt. En ik kreeg gelijk. 

En toch, lieve mensen, viel het vonnis tegen. De boete blijft in stand. Of misschien was het niet het vonnis zelf, maar meer de motivatie en het gevoel dat ik eraan overhield. Off-label voorschrijven is zeer gangbaar: minimaal 50-80% van de recepten is volgens officiële bronnen off label. Nooit werd daar tegen opgetreden, maar dat was geen reden om de boete te schrappen, vond de Raad. Normaal komen er geen meldingen binnen, zo motiveerde zij deze redenering, maar nu wel. Nou, dat kan ik heel goed verklaren. De inspectie had in een brief aan artsen en apothekers nota bene niet alleen zélf opgeroepen om elkaar te verraden als iemand een ivermectine recept voorbij zag komen: ze had bovendien een speciale website voor verraad geopend. En ja, dan is er altijd wel een gluiperige verrader die er genoegen in schept om een goedbedoelende collega onderuit te trappen. Bovendien was die vaststelling feitelijk onjuist: de getuige deskundige, dr. Dick Bijl, had eerder al aangegeven dat zijn meldingen van veel gevaarlijker off-label recepten door de inspectie niet waren opgepakt: “geen tijd voor”. 

De Raad had haar oordeel vooral gebaseerd op de richtlijnen van het huisartsengenootschap. Als mede-auteur van en adviseur bij de totstandkoming van ongeveer alle richtlijnen, is dr. Bijl dé expert bij uitstek op dit gebied. Hij was er dan ook opnieuw bij.

Tja, die richtlijnen. Ik zeg het met een diepe zucht, want het zijn niet meer dan lijnen waarop de arts zich kan richten. Het zijn geen rode lijnen waar je nooit overheen mag gaan, aldus nota bene het huisartsengenootschap zelf. Maar door de Raad werden ze hier opgediend als een bevel van een generaal in oorlogstijd: wie ze niet toepast, is een deserteur en zal hangen. Althans, alleen als het over corona gaat, want anders interesseert het de inspectie echt geen drol. 

De inbreng van Dr. Bijl was van groot belang. Aanvankelijk wilde de rechter hem niet eens aan het woord laten ‘omdat het allemaal wat uitliep’. Tja, gerechtigheid is leuk, maar moet natuurlijk niet te veel tijd kosten. Maar toen de expert na veel aandringen en met een dreigende wraking boven het hoofd toch het woord kreeg, haalde hij de redenering van de Raad met veel kennis van zaken feilloos door de gehaktmolen en liet hij er geen spaan van heel.  De beduusde voorzitter beloofde om dit mee te nemen in de beoordeling. Maar net als bij mijn eerdere zitting is deze vitale inbreng uiteindelijk genegeerd als ware hij een onwelkome gast op een familiediner: je kunt hem niet wegsturen, maar wel doodzwijgen. De naam van de expert komt in het vonnis niet eens voor. Voorwaar: zodra dorre bureaucraten het beter menen te weten dan zo’n internationale hotshot wordt het pas écht gevaarlijk. 

Maar het lelijkste is de passage over de dossiers. De Raad schrijft dat ik patiënten zou hebben aangespoord om stukken te laten vernietigen, alsof ik een soort Rutte-light was die zijn berichtenverkeer als bij toverslag laat verdwijnen. Erger kun je de vergelijking haast niet maken. 

Laat ik dit voorop stellen: de arts kan zonder verzoek van de patiënt geen dossierstukken verwijderen. Dat is ook niet gebeurd. Voor het gemak blijven in het vonnis -wederom- enkele zaken onvermeld. Ten eerste het feit dat de inspectie zonder medische reden de druk enorm had opgevoerd met dreigbrieven vol disproportionele boetes die opliepen tot meerdere tonnen: bedragen waar je heel wat vaccinslachtoffers mee zou kunnen helpen. 

Toen patienten vroegen om geholpen te worden met ivermectine, een middel met het veiligheidsprofiel van een halfje paracetamol, was mijn dilemma welhaast onmogelijk: ik wilde hen helpen zoals een goed arts betaamt, maar om nu mijn nek in de financiele guillotine te steken, dat ging me ook weer wat ver. 

Ik wees hen erop dat ik wel wilde helpen -en dat deed ik kosteloos-  maar voor mij zou het beter zijn als er zo weinig mogelijk in het dossier kwam. Het recht om zaken uit het dossier te verwijderen heeft alleen de patiënt zelf. Zeker, ik heb hen gewezen op dat recht, maar dat is natuurlijk bepaald geen wetsovertreding. De patienten begrepen dit dilemma heel goed: allemaal verzochten ze mij om dit stuk uit het dossier te verwijderen om mijn risico zodoende te beperken. De schriftelijke verzoeken daartoe heb ik nog in bezit. Zonder verzoek van een patiënt is er geen letter uit een dossier gehaald. 

De parallel dringt zich op met een van de vele andere nationale schandes, de Toeslagenaffaire – u weet het vast nog wel, die soap waarin de Belastingdienst zich ontpopte als een financiele inquisitie en waarbij de evaluatiecommissie uiteindelijk oordeelde dat de overheid haar menselijk gezicht verloren had. Daar knevelden ze ouders die een vinkje verkeerd hadden gezet. Hier straffen we dokters die patiënten een kans op genezing gunnen met een totaal onschuldig pilletje. De blinddoek van de magistraten bedekte niet de ogen, maar het geweten. De Raad maalt maar door voor de minister, de minister maalt door voor Big Pharma. En de patiënt? Helaas, daar maalt niemand om. De tragiek van deze tijd is niet zozeer dat er fouten worden gemaakt, want dat is menselijk. De tragiek is vooral dat menselijkheid zélf als fout wordt beschouwd, zoals ik inmiddels bijna vier jaar moet ervaren. 

De persoonlijke tragiek is dat een krant als het AD het nodig vindt om een groot artikel te plaatsen waarin ik als een soort crimineel word neergezet.  Kennelijk is de rancune bij die krant zo groot, dat ik niet hard genoeg beschadigd kan worden. Na meer dan 30 jaar zonder wanklank als huisarts gewerkt te hebben is het juist die ervaring van totaal misplaatste framing en complete onrechtvaardigheid die onmiskenbaar pijn doet bij mij en bij mijn naasten die mij altijd onvoorwaardelijk gesteund hebben. 

De weg naar het Europese Hof voor de Rechten van de Mens lag niet open voor mijn collega’s. Maar nu een belangrijke getuige totaal genegeerd is op een fundamenteel deel van de redenering is mij een eerlijk proces ontzegd. Dat betekent dat ik nog altijd niet opgeef en toch een poging ga doen om in beroep te gaan bij dit Hof. 

En hoe dat ook uitpakt: als Gandhi gelijk had, dan win ik nu al. 

Blogdo©

Comments (65)

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

06
nov, 2025
Jan Vingerhoets

Populair

Meld je aan om niets te missen

Mijn blogs verschijnen voorlopig nog op Linked in maar worden steeds sneller verwijderd. Wil je op de hoogte blijven als er nieuwe blogs verschijnen en ze hier teruglezen? Meld je dan aan en ik zorg dat je een bericht krijgt.